De korenmolen van 1388
In de meeste dorpen werd het graan gemalen op de eigen dorpskorenmolen. In de 14 e eeuw moet Sassenheim
een korenmolen hebben gehad. Waarschijnlijk was dit een standerdmolen het toen gebruikelijke type
korenmolen.
De korenmolen van 1663
Het “windrecht “ berustte in de 17 e eeuw bij de staten van Holland die de opvolgers waren van de
grafelijkheid. Alleen met toestemming van de staten mocht een korenmolen worden gesticht. In het
archief van de staten treft men aan Cornelis Pieterse van der Cade, molenaar te Heemstede, toestemming
word verleend tot het bouwen van een windkorenmolen in Sassenheim “op zeker erf bij de hoek van de vaart”.
Deze vaart was in 1645 gegraven. Hoogstwaarschijnlijk is dit de huidige Zandsloot die destijds Zandvaart
heette. Van der Cade bouwt een vanwege concurrentie van de molen te lisse geen molen in Sassenheim maar
verkoopt in 1667 zijn rechten aan Jan Aelbertsz Heemskerk, de molenaar van lisse. Omdat Heemskerk niet
ging bouwen dringen de Staten bij hem aan om alsnog de molen te bouwen ten grieve van de ingezetenen.
Molenaar Heemskerk deelt dan aan de Staten mee dat hij tot nu toe, vanwege de slechte tijd en de geringe
opbrengst van het maalloon, in Sassenheim geen molen had gebouwd maar dat hij wel de erfpacht had betaald.
Tevens had hij met zijn molen de bakkers van Sassenheim tot hun genoegen met malen bediend. Het is niet
duidelijk of er inderdaad een is gebouwd. De honderdvijftig jaar later gemaakte eerste kadastrale kaart
van Sassenheim (1819) vermeldt dan geen korenmolen aan de zandsloot.
Toch een Korenmolen
De kaart van Sassenheim uit 1867, getekend door J.Kuiper voor de atlas van Nederlandse gemeenten, geeft
aan dat er dan wel een korenmolen staat aan het zogeheten Buitenwater bij de Zandsloot. De korenmolen van
Sassenheim is er dus na 150 jaar toch gekomen. En vanuit dat gegeven is dan ook het onderzoek naar de
oorsprong van de molen gestart.